Jasper Verhamme: “In Aalst is het altijd tof”
Na een felbevochten strijd behaalde Lindemans Aalst zijn tweede competitiezege in de Oost-Vlaamse derby tegen Gent (1-3). Om de voeling met de top vier niet te verliezen, doen de Ajuinen er best aan om ook dit weekend punten te pakken. Makkelijk wordt dat niet. Tegenstander zaterdagavond in Schotte is de ongeslagen leider Menen, het team van ex-Aalstenaren Lou Kindt en Alvaro Gimeno.
We blikten vooruit met Jasper Verhamme. Voor de 21-jarige middenblokker is de topper een confrontatie met de ploeg waar hij de twee voorbije seizoenen actief was.
Jasper: “Ik kijk enorm uit naar het duel van zaterdag. Ik blik met tevredenheid terug op de twee jaren bij Menen. Ik had goede contacten met de spelers, coaches en assistenten. Ik heb me er echt geamuseerd met de ploeg en de trainer met wie ik nog altijd contact heb. Ik heb vriendschappen overgehouden aan mijn periode bij Menen. Met een aantal jongens spreek ik nog geregeld af.”
In je eerste seizoen bij Menen was Frank Depestele je coach. Heeft hij een rol gespeeld in je transfer naar Aalst?
Jasper: “Dat denk ik wel. Frank was op zoek naar een middenman van mijn type. Een Belg ook. Hij kende mij en we hebben altijd een goede band gehad. Het was mijn eerste seizoen in Liga A na mijn overgang van Marke-Webis. Ik kreeg veel vertrouwen van Frank en kreeg veel spelgelegenheid. Vorig seizoen speelde ik mijn laatste competitiewedstrijd op 8 januari in Aalst. Ik maakte ook nog de bekerfinale mee, maar nadien was ik out met een kraakbeenletsel aan mijn enkel. Ik kwam niet meer in actie. Ik had teveel pijn waardoor ik de fitness-oefeningen niet meer deftig kon doen.”
Behoort die blessure nu volledig tot het verleden?
Jasper: “Ik voel het nog wel, maar het hindert me niet meer in mijn spel. Ik sta zo goed als pijnvrij op het terrein. Ik heb dan ook mijn hele zomer opgeofferd met rusten en kine. Ik liet bondscoach Zanini weten dat ik niet beschikbaar was voor de nationale ploeg. In de voorbereiding heb ik nog verder opgebouwd, maar ondertussen kan ik opnieuw voluit gaan.”
Hoe bevalt het in je eerste maanden bij Lindemans Aalst?
Jasper: “Het is een heel leuke club. Je ziet dat er heel veel beleving is bij supporters en vrijwilligers. Aalst heeft veel trouwe fans. Ik speelde al een aantal keren tegen Aalst en dat was nooit saai. In Aalst is het altijd tof. De resultaten vallen misschien nog wat tegen, maar het is zeker niet zo dat we ondermaats presteren. We konden het op belangrijke momenten soms niet afmaken. Maar we hebben zeker mogelijkheden en ik ben ervan overtuigd dat we dat nog gaan laten zien.”
Misschien kan dat zaterdag al in de topper tegen je ex-ploeg.
Jasper: “Ik hoop het. Het is een belangrijke wedstrijd in de strijd om de top vier, zeker nu Maaseik afgelopen weekend Roeselare klopte. Menen heeft 15 op 15 en is in goede doen. Ze zullen zich ook tegen ons willen bewijzen. Wij van onze kant hebben tegen Roeselare getoond dat we voor niemand moeten onderdoen. Ik verwacht een mooie wedstrijd.”
Jullie zullen moeten proberen om hoofdaanvaller Alvaro Gimeno, ex-Aalst, af te stoppen.
Jasper: “In de twee oefenwedstrijden tegen Menen kon Alvaro me niet echt overtuigen. Maar bij de start van de competitie staat hij er en toont hij dat hij een meerwaarde is voor de ploeg. We moeten geen schrik hebben van Alvaro. Als we het wedstrijdplan uitvoeren, moeten we hem aan banden kunnen leggen. Menen heeft geen zwaktes. Als spelers zoals Gilles Vandecaveye hun dagje hebben, zijn zij ook moeilijk af te stoppen.”
Beau Wortelboer lijkt een vaste waarde. Voor het tweede plekje in het middencompartiment gaat het tussen Simon Luka Vlahovic en jou.
Jasper: “In de voorbereiding vond ik ons allebei niet zo heel goed. Ik mocht starten in de openingsmatch tegen VHL, maar het liep niet zo vlot. Simon viel in en heeft goed gespeeld. Hij bleef dan staan, maar omdat het voor hem minder goed ging tegen Roeselare kreeg ik mijn kans. Vorige week tegen Gent mocht ik dan opnieuw starten. Wie er tegen Menen in de basis zal staan, weet ik niet. Ik hoop dat ik het ben, maar als dat niet zo is, dan leg ik me neer bij de keuze van de coach. Ik denk dat de coach misschien zal kiezen in functie van wat we nodig hebben tegen een bepaalde tegenstander. Het is geweten is dat Simon in principe blokkerend beter is, terwijl ik aanvallend sterker voor de dag kom. Simon en ik komen sowieso heel goed overeen. We zijn vrienden. Ik ken hem al heel lang en we zaten altijd zowat op hetzelfde niveau.”
Tekst: Dominic Beckx.